Zonnepanelen en brandgevaar: De feiten op een rij

Portret van Mark van den Berg, Bouwkundig Adviseur & Verbouwexpert
Mark van den Berg
Bouwkundig Adviseur & Verbouwexpert
Zonnepanelen & Batterijen · 2026-02-15 · 8 min leestijd

Je koopt een huis, of je verbouwt je dak. Je wilt zonnepanelen, want dat scheelt op je energierekening en het is goed voor het milieu. Maar dan hoor je verhalen over brandgevaar.

Je ziet beelden van daken die in de fik staan. Meteen schiet de stress omhoog. Kan dat zomaar?

Is mijn dak veilig? Laten we even rustig doen.

Zonnepanelen zijn over het algemeen superveilig, maar er zijn wel een paar cruciale dingen die je moet weten. Dingen die je kunt controleren voordat je akkoord geeft. Want veiligheid zit 'm in de details.

In de kwaliteit van de installateur, de materialen en de manier waarop alles wordt aangesloten.

Dit is wat je moet weten om met een gerust hart te kunnen genieten van je eigen stroom.

Waarom praten we überhaupt over brandgevaar?

Het is een terechte vraag. Zonnepanelen hangen al decennia op daken en de meeste installaties lopen perfect.

Toch zijn er incidenten. Waarom? Omdat we te maken hebben met elektriciteit en hitte.

Een zonnepaneel levert gelijkstroom. Veel gelijkstroom. Als er iets misgaat met de bedrading, de connectoren of de omvormer, kan er vonkvorming ontstaan. En als er dan ook nog isolatiemateriaal in de buurt is, zoals houten dakplaten of het isolatieschuim van je nieuwe dakkapel, kan een vonk een brand starten.

De grootste boosdoeners zijn vaak de kleine details. Denk aan een connector die niet helemaal goed is vastgedraaid.

Of kabels die onder druk staan omdat ze niet netjes zijn weggewerkt na de installatie. Dat zorgt voor slijtage en uiteindelijk een kortsluiting. Het is niet het paneel zelf dat 'zomaar' vlam vat, maar de installatie eromheen. Goed om te weten, want dat betekent dat je invloed hebt op de veiligheid.

Door te kiezen voor kwaliteit en een installateur die weet wat 'ie doet.

Zeker bij een verbouwing waarbij je ook isolatie aanbrengt of een aanbouw plaatst, is goede afstemming essentieel.

De drie belangrijkste risicopunten (en hoe je ze uitsluit)

Er zijn drie plekken in de installatie die extra aandacht verdienen. Als je deze punten goed aanpakt, beperk je het risico op brand tot bijna nul.

Ten eerste: de omvormer. Dit apparaat zet de gelijkstroom van de panelen om in wisselstroom voor je stopcontacten. Een omvormer kan heet worden. Daarom moet hij op een plek hangen met voldoende ventilatie.

Niet in een kastje waar de hitte blijft hangen, maar bijvoorbeeld in de garage of technische ruimte. Tegenwoordig zijn er ook 'micro-omvormers' of 'string-omvormers' van merken als Enphase of SolarEdge die heel efficiënt zijn en niet snel oververhitten.

Zorg dat er minstens 10 cm ruimte omheen is. Het tweede risicopunt zijn de connectoren.

Dat zijn die stekkertjes tussen de panelen onderling en naar de omvormer. Vroeger waren er veel verschillende systemen, maar tegenwoordig is de MC4-connector de standaard. Zorg dat je installateur alleen originele MC4-connectors van A-merken gebruikt.

Goedkope namaak-connectors passen misschien, maar ze sluiten niet perfect aan. Er ontstaat een klein speling, wat vonken en hitte kan veroorzaken.

De installateur moet alle connectoren met de juiste tang stevig vastknijpen. Een professional checkt dit altijd met een speciale meter. Derde punt: de bekabeling.

De kabels van de panelen naar de omvormer moeten goed beschermd zijn.

Ze lopen over het dak, soms door de spouw of langs de gevel. Ze moeten speciale UV-bestendige kabels zijn die tegen weer en wind kunnen.

Belangrijker nog: ze moeten goed worden vastgezet. Geen kabels die over scherpe randen schuren of die door een gaatje in het dak worden gedrukt waar ze knellen.

Het belang van de juiste certificaten

Als je een nieuw dak legt of isolatie aanbrengt, zorg dan dat de kabels direct na het boren van de gaten worden afgekit met brandwerend kit. Zo voorkom je dat er water inkomt en dat de kabels bewegen. Je hoeft zelf geen expert te worden, maar je moet wel weten wat je moet vragen. Vraag je installateur naar certificaten.

In Nederland is het SCIOS-certificaat een must. Installateurs met dit certificaat hebben laten zien dat ze weten hoe ze zonnepanelen veilig moeten installeren.

Ze weten hoe ze de brandveiligheid moeten waarborgen. Vraag ook naar het productcertificaat van de panelen en de omvormer.

Ga voor TÜV-gecertificeerde producten. Dat is een Duitse keuringsinstantie die heel streng is. Een goede installateur doet meer dan alleen de panelen leggen.

Hij of zij kijkt naar je complete dak. Zit er genoeg ruimte tussen de panelen en de dakpannen?

Is de dakconstructie sterk genoeg? Vooral bij oudere huizen is dat belangrijk. Als je gaat verbouwen, bijvoorbeeld door zonnepanelen op een dakkapel plaatsen of de zolder te isoleren, moet je de zonnepanelen misschien even demonteren.

Doe dat niet zelf. Laat de installateur dit doen en de boel na de verbouwing weer veilig aansluiten.

Een loshangende kabel na een verbouwing is een onnodig risico.

Welke systemen zijn er en wat kosten ze?

Er zijn grofweg twee systemen: panelen met een string-omvormer of panelen met micro-omvormers. Een string-omvormer is de klassieke oplossing.

Je sluit alle panelen achter elkaar (in een 'string') aan op één centrale omvormer.

Dit is vaak iets goedkoper. De prijs voor een complete installatie met een string-omvormer (bijvoorbeeld van Growatt of SMA) ligt voor een gemiddeld huis met 10 panelen (ca. 3.500 Wp) rond de €5.000 tot €6.500, inclusief installatie.

Micro-omvormers (van merken zoals Enphase) of power optimizers (van SolarEdge) werken anders. Elk paneel krijgt zijn eigen kleine omvormertje of optimizer.

Dit is veiliger, omdat er geen hoge spanningen ontstaan op het dak. Als er één paneel in de schaduw ligt, doet de rest het nog gewoon. Dit systeem is wel iets duurder. Reken op een meerprijs van zo'n €500 tot €1.000 ten opzichte van een string-omvormer. Overweeg je zonnepanelen op een rietgedekt dak? Let dan extra goed op de brandveiligheid en kosten.

De totaalprijs ligt dan rond de €6.000 tot €7.500 voor 10 panelen.

De veiligheid en de betere opbrengst wegen voor veel mensen op tegen de hogere prijs. Naast de stroomopwekking is er de opslag. Een thuisbatterij. Die slaat overtollige stroom op voor als de zon niet schijnt.

Merken als Sonnen of het Nederlandse Zehnder bieden thuisbatterijen aan. Een batterij van 5 kWh (genoeg voor een avond stroom) kost al snel €4.000 tot €6.000.

Ook hier geldt: veiligheid voorop. Een batterij hoort op een plek waar geen vorst optreedt en waar rook en hitte goed kunnen worden afgevoerd. Een garage of een schuur is vaak beter dan een slaapkamer.

Praktische tips: zo houd je het veilig

Je bent nu een stuk wijzer. Maar wat doe je in de praktijk? Hier een concreet stappenplan om zeker te weten dat je goed zit.

Je hoeft dit niet allemaal zelf te doen, maar je kunt het wel controleren of aan je installateur vragen.

  • Kies een gecertificeerde installateur: Vraag naar het SCIOS-certificaat. Geen zin in een lange zoektocht? Kijk op de website van Uneto-VNI of Zonnekeur. Daar vind je installateurs die aan de kwaliteitseisen voldoen.
  • Check de materialen: Vraag welke merken panelen en omvormers ze gebruiken. Ga voor A-merken. Goedkope namaakproducten zijn een risico. De investering in kwaliteit betaalt zich terug in veiligheid en levensduur.
  • Maak een plan voor de bekabeling: Bespreek waar de kabels komen. Lopen ze over het dak? Dan moeten ze netjes worden vastgezet met kabelclips. Gaan ze door het dak? Dan moeten de gaten perfect worden afgekit met brandwerend materiaal. Dit is vooral cruciaal bij het isoleren van je dak of het plaatsen van een dakkapel.
  • Vraag naar de garantievoorwaarden: Wat gebeurt er als er brand ontstaat door de installatie? Een goede installateur heeft een goede aansprakelijkheidsverzekering en geeft garantie op de installatie (niet alleen op de materialen).
  • Houd het bij: Zodra de panelen liggen, vraag dan de handleiding op van de omvormer. Weet hoe je hem moet uitschakelen in geval van nood. En check eens per jaar of er geen bladeren onder de panelen liggen of dat er beschadigingen zijn.

De rol van vergunningen en het energielabel

Zo kom je niet voor verrassingen te staan en weet je dat je investering veilig is. Als je gaat verbouwen, zijn er vaak regels.

Een nieuwe aanbouw of dakkapel heeft meestal een vergunning nodig. Ook zonnepanelen melden bij de gemeente is soms verplicht, vooral als je in een beschermd stadsgezicht woont. Een goede installateur helpt je hiermee.

Maar vergeet niet: veiligheid is ook een vereiste voor je verzekering. Zorg dat de installatie voldoet aan de normen, anders kan een verzekeraar bij schade moeilijk doen.

Een beter energielabel door zonnepanelen is een andere reden om voor deze investering te kiezen. Een huis met zonnepanelen en goede isolatie (bijvoorbeeld na het na-isoleren van de spouw of het dak) krijgt een veel gunstigere score. Dat verhoogt de waarde van je huis. Het label laat zien dat je huis energiezuinig is.

En dat je een installatie hebt die goed is geïnstalleerd, draagt bij aan de veiligheid en de kwaliteit van het huis. Het is dus allemaal met elkaar verbonden: isolatie, verbouwen, zonnepanelen en veiligheid.

Je hoeft echt niet wakker te liggen van zonnepanelen. De brandgevallen zijn zeldzaam en vaak te herleiden tot menselijke fouten of slechte materialen.

Door kritisch te zijn op wie je inhuurt en wat er geïnstalleerd wordt, beperk je het risico enorm. Kijk kritisch naar je dak, je isolatieplannen en de routing van de kabels. En kies voor kwaliteit.

Dan kun je straks met een gerust hart genieten van je eigen, veilige zonnestroom. En scheelt het ook nog eens flink op je energierekening.

Portret van Mark van den Berg, Bouwkundig Adviseur & Verbouwexpert
Over Mark van den Berg

Mark is een ervaren bouwkundige en energieadviseur die complexe verbouw- en isolatieprojecten vertaalt naar heldere, praktische informatie voor huiseigenaren die hun woning willen verduurzamen en verbeteren.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Zonnepanelen & Batterijen
Ga naar overzicht →