Energielabel verplicht bij een verbouwing van meer dan 25%?
Je staat op het punt om je huis flink onder handen te nemen. Misschien een mooie aanbouw voor die extra leefkeuken, of eindelijk die dakkapel op zolder. Je bent druk met vergunningen, tekeningen en aannemers.
Maar dan kom je ineens een regel tegen: je energielabel moet opnieuw worden vastgesteld.
Voelt als een vervelende extra horde. Toch is het vaak een goede zaak.
Het zorgt dat je huis comfortabeler wordt en minder energie verslindt. In dit artikel leg ik je simpel uit wat de regels zijn, waarom die 25% zo'n belangrijk getal is en hoe je dit soepel aanpakt.
Wat betekent die 25% regel eigenlijk?
Stel je voor: je huis is een emmer. Je energielabel is de hoeveelheid water die erin zit.
Je kunt kleine slokjes water weghalen, zoals een enkele nieuwe deur of een extra stopcontact.
Dat verandert je energielabel niet. Maar als je een enorme gat in de zijkant van de emmer maakt – een grote aanbouw of een extra verdieping – dan verandert het totaalplaatje drastisch. De 25% regel gaat over de omvang van je verbouwing ten opzichte van je bestaande huis.
De wet zegt dit: als je de oppervlakte van je huis met meer dan 25% vergroot, ben je verplicht om het energielabel opnieuw te berekenen en vast te stellen. Het gaat dus om de bruto vloeroppervlakte.
Tel alle nieuwe vloeren bij elkaar op: je aanbouw, de ruimte onder een dakkapel, de vloer van een nieuwe verdieping. Deel dat door het totale oppervlakte van je huis voor de verbouwing. Zit je boven de 25%? Dan mag je niet zonder nieuw label.
Waarom? Omdat je een heel nieuw stuk huis toevoegt.
Dat stuk moet voldoen aan de huidige bouwregels. Die regels zijn strenger dan vroeger. Je nieuwe aanbouw moet goed geïsoleerd zijn.
Je nieuwe kozijnen moeten HR++ glas hebben. Je creëert dus een stuk dat energiezuiniger is.
Het logische gevolg is dat je totale energieverbruik (en dus je label) omhoog gaat. De overheid wil dit gewoon netjes geregistreerd hebben.
Waarom dit jouw voordeel is, geen straf
Het voelt misschien als een bureaucratie-molen, maar kijk eens naar het grote plaatje. Een nieuw energielabel is een momentopname die laat zien hoe je huis ervoor staat.
Als je slim verbouwt, beloont de wet je met een beter label.
En een beter label is pure winst. Het maakt je huis comfortabeler in de winter en koeler in de zomer. Je stookkosten gaan omlaag.
En, heel belangrijk, je huis wordt meer waard. Denk aan de kopers van de toekomst. Die kijken kritisch naar het energielabel. Een huis met label A of B verkoopt sneller en voor een hogere prijs dan een huis met label F of G.
Door bij een verbouwing direct te investeren in goede isolatie (PUR schuim, steenwol platen), triple glas en misschien zelfs zonnepanelen, zet je een stap vooruit.
Het label is dan niet de last, maar het bewijs van je verstandige investering. Bovendien, als je een vergunning aanvraagt voor je verbouwing, controleert de gemeente vaak of je voldoet aan het Bouwbesluit.
Dit besluit schrijft isolatiewaardes voor voor muren, daken en vloeren. Je aannemer moet dit gewoon toepassen. Het energielabel volgt deze kwaliteit dus automatisch. Als je alles netjes volgens de regels doet, heb je aan het einde van de rit bijna vanzelf een beter label.
De werking: van vergunning tot nieuw label
Het proces begint eigenlijk al bij de tekentafel. Voordat je een vergunning aanvraagt voor je dakkapel of aanbouw, laat je een berekening maken.
Dit is een zogenaamde EPC-berekening (Energie Prestatie Coëfficiënt) of nu de BENG-berekening.
Een gecertificeerd bedrijf doet dit. Zij kijken naar de isolatie van je bestaande huis en de plannen voor het nieuwe deel. Ze berekenen of je na de verbouwing nog steeds aan de normen voldoet.
Stel, je wilt een dakkapel van 2 meter diep en 4 meter breed op een zolder van 50 m². De vloer van de dakkapel is 8 m². Je bestaande huis is 120 m². De toename is 8 / 120 = 6,7%. Onder de 25%.
In theorie hoef je dan geen nieuw label. MAAR... als je de zolder isolatie verbetert van matig naar zeer goed, of nieuwe kozijnen met triple glas plaatst, dan verandert je label wel ten positieve.
En dat mag je best laten vastleggen. Zit je wél boven die 25%?
Dan is het verplicht. Na de verbouwing moet een gecertificeerde energieadviseur langskomen. Hij of zij controleert alles: de Rc-waarde van je nieuwe isolatie, het type glas in je nieuwe kozijnen, de kierdichting, de ventilatie.
Ze maken foto's en metingen. Alles gaat in de software.
Het resultaat is een nieuw, officieel energielabel dat in het landelijke register wordt opgenomen. Zonder dit label mag je de verbouwing niet in gebruik nemen. Het is dus een sluitstuk, waarbij je met een gunstig energielabel vaak hypotheekrentekorting krijgt.
Eerst de technische kant (isolatie, glas, ventilatie), dan de administratieve kant (berekeningen, vergunningen) en als laatste de certificering (het label). Een goede aannemer neemt je hierin mee.
Zij weten wat er nodig is voor het Bouwbesluit. Zij regelen de juiste materialen.
Jij hoeft alleen maar de juiste keuzes te maken.
De kosten: investeren in een beter huis
Benieuwd naar wat een herkeuring van het energielabel kost? Dat hangt af van de situatie.
Een basislabel voor een bestaande woning, zonder grote verbouwing, kost tussen de €200 en €350. De adviseur komt langs, bekijkt de woning en stelt het label vast.
Dit is vaak een vereiste bij de verkoop van een huis. Als je een grote verbouwing doet, zoals een flinke aanbouw of het plaatsen van een dakkapel, komt er meer werk bij kijken. De adviseur moet niet alleen kijken, maar ook rekenen. Hij moet de oude situatie, de nieuwe situatie en de overgangssituatie doorrekenen.
De kosten voor zo'n uitgebreide berekening en het daadwerkelijke label liggen hoger, denk aan €500 - €800.
Dit hangt af van de complexiteit van je verbouwing. Maar vergeet de investering in isolatie en glas niet. Dat is waar het echt om draait.
Een dakkapel van 2 meter breed met triple glas kost al gauw €5.000 - €7.000. Goede isolatie van je nieuwe aanbouw (denk aan 10 cm PIR-platen) kost ongeveer €50 per vierkante meter.
Dit zijn bedragen die je terugverdient. Een slecht geïsoleerde aanbouw levert je straks een hoge energierekening op.
Een goede investering verdient zichzelf in 5 tot 10 jaar terug. Pak het groter aan. Als je je hele dak isoleert met PIR platen (Rc-waarde 6,0), kost dat ongeveer €100 per m².
Je bespaart daarmee al snel €300-€500 per jaar op je gasrekening. De combinatie van verbouwen en isoleren is de slimste keuze. Ontdek hoeveel je bespaart bij een label-stap; de kosten voor het label zelf zijn dan maar een kleine post op de totale factuur.
Praktische tips voor jouw verbouwing
Het zit 'm in de voorbereiding. Zorg dat je van tevoren weet wat je wilt. Wil je een aanbouw van 3 meter diep?
Bereken dan of je over de 25% grens gaat. Dit hangt af van je huidige woonoppervlakte.
Weet je het niet zeker? Vraag het na bij de gemeente of een energieadviseur.
- Check je huidige label: Kijk op een website van de Rijksoverheid wat je huidige label is. Dit is je startpunt.
- Combineer werkzaamheden: Als je toch het dak op gaat voor een dakkapel, isoleer dan meteen de rest van het dak. De loodgieter en timmerman zijn er toch al.
- Kies slimme materialen: Gebruik voor je nieuwe muren isolatieplaten met een hoge Rc-waarde. Kies voor kozijnen met triple glas (HR++ is het minimum). Dit levert punten op voor je label.
- Vraag de aannemer naar het energielabel: Vraag bij het opstellen van de offerte of de aannemer rekening houdt met de isolatiewaardes die nodig zijn voor een goed label. Leg dit vast in het contract.
- Regel de vergunning en het label op tijd: Het energielabel is vaak een voorwaarde voor je vergunning. Zorg dat je een energieadviseur inschakelt zodra de bouwtekeningen klaar zijn. Zo voorkom je vertraging.
Die kunnen een inschatting maken. Een verbouwing is een moment om je huis voor te bereiden op de toekomst. De regel van 25% is een stok achter de deur om dit goed te doen.
Gebruik die stok niet als straf, maar als stuur. Stuur je verbouwing in de richting van comfort, lage lasten en een hogere woningwaarde.
Dan wordt dat energielabel vanzelf een leuk bewijsje aan de muur.
